Omschrijf jij jezelf als een plank? Kun je amper je tenen aanraken en breekt het zweet je al uit bij de gedachte aan yoga? Dan is het tijd om wat aan je lenigheid te gaan doen. Train daarvoor je flexibiliteit én je mobiliteit. Leer wat het verschil is, en hoe je beide kunt trainen.

Lenig?

Lenigheid zorgt ervoor dat je optimaal kunt bewegen, met een maximale bewegingsuitslag. Hiermee wordt bedoeld: wat het bewegingsbereik is van een gewricht of spier. Is je bewegingsuitslag beperkt, dan gaan bepaalde bewegingen of oefeningen lastiger, en dit kan leiden tot klachten. Een voorbeeld van een beperkte bewegingsuitslag is het niet kunnen aanraken van je tenen, wanneer je met vooruit gestrekte benen op de grond zit.

Flexibiliteit

Ben je flexibel genoeg, dan kun je op een functioneel gezond manier bewegingen uitvoeren. Je spieren zijn soepel en voldoende lang. Verlies je flexibiliteit, dan word je stijf en ga je moeilijker bewegen. Dit wordt deels bepaald door de bouw van je lichaam (botten, pezen, spieren, kapsels, banden, etc). Ook overgewicht of het hebben van veel spiermassa beperkt je lenigheid. Vrouwen bewegen soepeler dan mannen. Ook spelen externe factoren een belangrijke rol. Denk daarbij aan temperatuur en tijdstip: wanneer het koud is, of wanneer je net wakker bent, is je lichaam stijver. Flexibiliteit vergroot je door rekoefeningen te doen. Doe ze niet vóór je training, maar erna, of op rustdagen. Lessen waarin dit wordt geoefend zijn yoga en Body Balance. Hier zijn ook genoeg video’s van te vinden op Youtube.

Mobiliteit

De bewegingsvrijheid van je gewrichten wordt bepaald door de mate van mobiliteit. Niet elk gewricht is wenselijk mobiel. Je kunt uitgaan van de volgende twee groepen:

  • Mobiel: enkels, heupen, schouders, polsen
  • Stabiel: knieën, ellenbogen, onderrug

Een beperkte mobiliteit kan problemen opleveren; het is dan moeilijker om goed te bewegen. Vergroot je mobiliteit door rustig en gecontroleerd heen- en weergaande of ronddraaiende bewegingen te maken, in de gewrichten waar je het nodig hebt.

Hypermobiel

Wanneer je mobiliteit te groot is, spreken we van hypermobiliteit. Dit kan optreden in één gewricht of in het hele lichaam. Het levert een té grote bewegingsuitslag op, wat kan leiden tot blessures en/of pijnklachten. Hypermobiliteit kun je opvangen door krachttrainingsoefeningen te doen. Als je er echt veel last van hebt, raden wij je aan om naar de huisarts te gaan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*
*

1 × twee =